Ongekend veel nieuwe klanten bij kledingbank

Groeiende inflatie en Oekraïners zorgen voor meer aanwas

Interview AD van 26 april 2022Door stijgende prijzen in de supermarkt en toestroom van Oekraïners, geeft Stichting Kledingbank Groene Hart in Alphen meer kleding weg dan ooit tevoren.
Jasper van den Brink Alphen

„Elke kilo kleding kunnen we goed gebruiken. Lingerie bijvoorbeeld is altijd binnen in mum van tijd weg", aldus voorzitter Richard Brand (65).
De kledingbank heeft te maken met een forse stroom aan nieuwe aanmeldingen. „We hadden verwacht eind dit jaar vierhonderd nieuwe aanmeldingen te krijgen. We zitten nu al op driehonderd", legt Brand uit.
Daarvan zijn er honderd afkomstig uit Oekraïne. „Die mensen hebben we gelukkig allemaal kunnen helpen. Maar we zitten echt bom- en bomvol." Naast de stroom Oekraïners zijn er ook tweehonderd 'gewone Alphenaren' bijgekomen. Boosdoener zijn de stijgende prijzen, vermoedt Brand.
Bij het binnenlopen van de winkel krijg je het gevoel van een alledaagse kledingzaak. Alles hangt keurig aan rekken, en er zijn pas¬hokjes en spiegels. Maar kijk je iets verder, dan zie je hoe nijpend de situatie is. Achterin in de winkel is er een kleine keuken voor de vrijwilligers. Deze ruimte is zelfs al gebombardeerd tot opslagplaats. Hier staan dozen met lakens opgestapeld.

Rondleiding
Brand geeft een rondleiding door de winkel. „Hier hebben we ook nog kleding opgeslagen." Hij wijst naar een andere ruimte. Daar is een vrijwilliger bezig met uitzoeken van de kleding die binnen is gekomen. De Alphenaar wijst naar een stapel met vuilniszakken. „Kijk, dit is normaal gesproken een dubbele wc." Deze ruimte is nu overspoeld met vuilniszakken, die tot het plafond zijn gestapeld. „We hebben niet alleen een nieuwe locatie nodig, maar ook handjes om te kunnen helpen," zegt Brand.

Schaamte
Mensen die langskomen bij de kledingbank, mogen niet meer dan 20 procent boven de bijstandsnorm zitten of ze moeten een hoge schuld hebben. Mevrouw Souad loopt deze middag rond in de kledingbank. „Ik ben alleenstaand en heb drie kinderen. Ik kan gewoon geen kleding kopen."
Ze is er voor de tweede keer. „Boodschappen zijn twee keer zo duur geworden en daardoor moet ik keuzes gaan maken. Ik ben heel blij dat deze voorziening er is, want mijn kinderen en ik zijn superblij met kleding." Sommige mensen generen zich om bij de kledingbank te komen, mevrouw Souad daarentegen niet. „Waarom zou ik me schamen? Ik vind het juist heel fijn dat ik hier terechtkan. Ik schaam me totaal niet."
Mensen komen twee keer per jaar langs bij de kledingbank, dan kunnen ze een zomer- of winterpakket uitzoeken. „What you see, is what you get," zegt Brand. „Mensen krijgen ook maar één keer de kans om te komen kijken, want we kunnen niet voor iedereen meerdere afspraken maken. We hebben het al druk zat."

Drijfveer
De voorzitter is al drie jaar bezig met de kledingbank, ook vanuit een persoonlijke drijfveer. „Ik ben zelf vijf jaar lang bewindvoerder geweest, dan zie je pas met welke shit deze mensen moeten dealen. Ik kon het dan soms ook niet laten om die mensen wat geld uit mijn eigen zak toe te stoppen. Ik werkte dag en nacht omdat ik die mensen wilde helpen, dat heeft er voor gezorgd dat ik een zware burn-out kreeg."
In de periode dat Brand aan het herstellen was van zijn burn-out, kwam er iemand van de kerk naar hem toe. „Hij vroeg mij of het project van de kledingbank wat voor mij was. Ik heb daarover nagedacht en uiteindelijk heb ik ja gezegd. We doen het echt samen. Het is: van, voor, door en met de mensen."